Je bent er of... was je der maar!  

Sint-Jan Berchmanscollege

De structuur van de tweede graad.


   

Lees dit eerst vooraleer u de lessentabel bekijkt

Toen wij beslisten om vanaf vorig schooljaar een aantal studierichtingen niet meer aan te bieden, deden wij dat in het vooruitzicht van een hervorming van de structuur van het ASO. Daarrond bestond toen nog veel onduidelijkheid. Wat we wel wisten: het aantal studierichtingen zou ingekrompen worden en de basisvorming in de nieuwe richtingen zou zoveel mogelijk dezelfde zijn. Ondertussen is die nieuwe structuur een feit voor de tweede graad. Over de structuur van de derde graad bestaat nog geen zekerheid.

In de tweede graad bestaan vanaf 2002-2003 nog zes studierichtingen: Humane Wetenschappen (vroeger: Menswetenschappen), Latijn, Grieks, Latijn-Grieks, Economie en Wetenschappen. De combinaties met Moderne Talen of Wiskunde bestaan dus niet meer. Menswetenschappen en Grieks-Wiskunde hebben wij nooit aangeboden. Zo blijven er op Sint-Jan nog vier richtingen bestaan: Latijn, Latijn-Grieks, Economie en Wetenschappen. Waar de accentverschillen liggen in deze vier studierichtingen kan u duidelijk zien in de lessentabellen.

Bij de uitwerking van de basistabellen wou het VVKSO naar eigen zeggen "een ruime gemeenschappelijkheid waarborgen" en op die manier "de noodzaak van een onomkeerbare studiekeuze zoveel mogelijk uitstellen tot de derde graad". Die zorg om geen enkele overgang naar de derde graad op voorhand onmogelijk te maken lag ook aan de basis van de nieuwe leerplannen: bij een verschillend aantal lesuren voor hetzelfde vak ligt het onderscheid bijna enkel in de uitdieping van de leerstof en zijn de leerinhouden grotendeels dezelfde.

Opvallend in de nieuwe lessentabellen is het grotere aandeel van wetenschappen en wiskunde in alle studierichtingen: 7 lesuren in de richtingen Latijn-Grieks en Economie, 8 lesuren in de richting Latijn en 11 lesuren in de richting Wetenschappen. Wiskunde is in principe voor elke studierichting gelijk, weliswaar met een "leerweg 4" (4 lesuren per week) en een "leerweg 5" (5 lesuren per week) waarin, zoals gezegd het verschil vooral ligt in de uitdieping van de leerstof.

De weinige speelruimte die een school heeft in het toewijzen van lesuren, heeft Sint-Jan uitgebuit om tot goed uitgebalanceerde lessentabellen te komen. Doorheen de vier richtingen is het aandeel van de wetenschappen (fysica, scheikunde, biologie) en de wiskundige vakken (wiskunde en informatica) verschillend, maar wij hebben die verschillen enigszins uitgevlakt door in de richting Economie één uur toe te wijzen aan wiskunde (5 i.p.v. 4), in de richting Latijn aan fysica (2 i.p.v. 1), in de richting Latijn-Grieks aan informatica (1 i.p.v. 0) en in de richting Wetenschappen aan Frans (5 i.p.v. 4). Zo ligt in de derde jaren de verhouding taalvakken - wetenschappen - wiskundige vakken nu als volgt:

  • in de Latijn-Griekse 9 (+ 8 u klassieke talen) - 3 - 5,
  • in de Economische 11 - 3 - 6 (+ 4 u economie),
  • in de Latijnse 9 (+ 5 u Latijn) - 4 - 6,
  • in de Wetenschappen 12 - 6 - 6.

De vakken godsdienst, geschiedenis, aardrijkskunde, plastische en lichamelijke opvoeding hebben overal hetzelfde aantal lesuren (2 - 2 - 1 - 1 - 2), met dien verstande dat in de richting Latijn-Grieks geen plastische opvoeding wordt aangeboden.

Wat ook de aanleg is van uw kind, in één van onze vier richtingen zal het zich zeker kunnen ontplooien. Het heeft geen zin meer een waaier aan richtingen "op papier" aan te bieden, waarin het verschil ligt in één lesuur minder of meer voor een bepaald vak. De lessentabellen die wij hebben uitgewerkt laten meer dan voldoende speelruimte om, veel makkelijker dan voorheen, na het derde jaar een nieuwe richting uit te gaan, wanneer dat wenselijk of noodzakelijk zou zijn, en na het vierde jaar een richting te kiezen in de derde graad.



Sint-Jan Berchmanscollege, Jodenstraat 15, 2000 Antwerpen
LA 30 mei 2001